Reglement

Huishoudelijk reglement

De Archeologische Werkgroep Waterland (kortweg AWW genoemd, onderdeel van de Historische Vereniging Oud-Monnickendam, kortweg VOM genoemd) beschikt over een eigen “huishoudelijk reglement” bestaande uit onderstaande tien punten. Deze punten hebben betrekking op de vereniging maar ook op de AWW, vooral als het gaat om richtlijnen die de leden dienen aan te houden bij het verrichten van bodemonderzoek, veldwerk, veldwerk, veldonderzoek.

Op de ledenpas (hieronder verder genoemd als legitimatiepas) van de AWW wordt verwezen naar onderstaande richtlijnen van het huishoudelijk reglement.

Punt 1.: Vraag altijd toestemming voor het (detector)zoeken aan de landeigenaar of beheerder van de grond. Zoek niet op net ingezaaide akkers, weidegebied met vee of natuurgebied. Vrij zoeken mag in veel gevallen op stranden of recreatieterreinen. Het is verboden om te zoeken zonder toestemming, doe je dit wel dan is het diefstal.

Punt 2.: Legitimeer je met je legitimatiepas,  welke jaarlijks wordt verstrekt door de werkgroep.

Punt 3.: De legitimatiepas is alleen bestemd voor leden van de archeologische werkgroep.

Punt 4.: Laat munitie liggen; indien nodig de plaats markeren en de politie waarschuwen.

Punt 5. Zoek nooit op archeologische terreinen of beschermde cultuurhistorische plekken (zoals kastelen, ruïnes, burchten etc.), tenzij je toestemming hebt verkregen van de bevoegde instanties om mee te helpen bij een archeologische opgraving.

Punt 6.: Neem zoveel mogelijk het metalen afval, zoals lood, koper of ijzer mee. Denk aan het milieu.

Punt 7.: Maak alle gaten weer netjes dicht en wel zo, dat er geen schade zichtbaar is aan bijvoorbeeld een eventuele grasmat.

Punt 8.: Vondsten, waarvan men redelijkerwijs kan aannemen of vermoeden dat deze van wetenschappelijke cultuurhistorische waarde zijn, moeten binnen drie dagen gemeld worden bij de burgemeester van de plaats waartoe het gebied behoort (Artikel 53, lid 1, Mw’88).

Punt 9.: Bovengenoemde vondsten moeten eveneens worden aangemeld bij de provinciaal archeoloog en/of bij de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (kortweg RCE genoemd). Het is ook mogelijk de vondsten aan te melden bij de AWW. We zorgen dan dat de melding wordt doorgestuurd cq. verder wordt aangemeld. Een gemelde vondst moet minimaal 6 maanden ter beschikking worden gehouden voor wetenschappelijk onderzoek, waarna ze vervolgens aan de grondeigenaar moeten worden geretourneerd (Artikel 53, lid 2, Mw’88). In de praktijk wordt zelden van deze verplichting gebruik gemaakt. Een toeval vondst komt in gelijke delen toe aan de vinder én de grondeigenaar van de roerende en/of onroerende zaak waarin deze is aangetroffen (Artikel 13 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek). Verkoop je een vondst dan moet je hierover afspraken met de grondeigenaar.

Punt 10.: Het van zonsondergang tot zonsopkomst zoeken zonder toestemming van de landeigenaar is verboden. Iemand die ‘s nachts zoekt is verdacht bezig.